“De media overdrijft onrust in Iran”

In 2015 zagen veel Iraniërs een rooskleurige toekomst voor zich. De nucleaire deal met de Verenigde Staten was geslaagd. Een groot deel van de sancties werd teruggedraaid en zo bleven miljarden over om te investeren in de slecht draaiende Iraanse economie. Maar twee jaar later is de werkloosheid nog steeds groot en blijven de prijzen stijgen. Dat leidde tot protesten in het land rond de jaarwisseling.

Hoewel de onvrede van veel Iraniers groot is, zijn velen ook bedachtzaam. Iraniërs willen niet dat Iran eindigt als een tweede Irak, Syrië of Afghanistan. Het begon met protesten op achtentwintig december in de stad Mashad tegen de economische verslechtering van het land. Al snel verspreidde de protesten naar andere steden en dorpen. Mensen begonnen nu ook om andere redenen te protesteren. Tegen de corruptie, werkloosheid en tegen de islamitische geestelijken.

De meningen over de oorzaken van de protesten verschillen. Volgens Reza (37) werkzaam bij een oliebedrijf in Teheran zijn de protesten voornamelijk begonnen als een gevolg van de slechte economische omstandigheden, corruptie en werkloosheid. Het bruto nationaal product is enorm gestegen, maar dat komt voornamelijk omdat de sancties op de olie-export zijn opgeheven. ‘De olie-industrie profiteert, maar het creëert geen nieuwe banen.’

IT’er Ramin (24) uit Rasht kent veel mensen die zijn opgepakt tijdens de protesten. ‘Sommigen zijn vrijgelaten, maar sommigen ook niet. De protesten beginnen met verschillende redenen van onvrede. Maar eindigen vaak met het eisen van meer vrijheden.’ Ramin kent veel mensen die geen baan kunnen vinden. De werkloosheid is voornamelijk groot onder jongeren. Zo rond de dertig procent. Ramin heeft zelf geen probleem om een baan te krijgen. ‘In de IT-sector is het makkelijk om iets te vinden, maar mijn vrienden die geesteswetenschappen hebben gestudeerd hebben moeite om rond te komen.’

Er wordt voorspeld dat er in 2020 drie miljoen mensen bijkomen die een baan nodig hebben. Volgens Leila (34) en afgestudeerd in Engelse literatuur valt de werkloosheid in Teheran nog wel mee, maar is deze vooral aanwezig in andere steden. ‘Het probleem is dat in de tijd van de voormalige president Mahmoud Ahmadinejad, veel jongeren hoog zijn opgeleid, maar het zijn er nu teveel. Iran biedt geen kansen voor zoveel experts.’ Toch blaast volgens Ramin de media de onrust in Iran op. ‘Zoals altijd schetsen de media de situatie erger dan ze eigenlijk is. Ja het is een serieuze situatie. Veel sociale media zoals Telegram en Instagram zijn geblokkeerd. Maar het is niet zo serieus als de media doen voorkomen.’ Op veel online platforms lijken de mensen het daarmee eens te zijn. Veel opgeleide Iraniërs ventileren hun mening op bijvoorbeeld de Facebook-pagina See you in Iran. De meningen lopen uiteen, maar velen lijken het over één ding zeker te zijn: de protesten in Iran zijn niet zo erg als de westerse media propageren. De situatie in het land is veilig. En er zijn vandaag de dag bijna geen protesten meer. Het land ligt niet in rep en roer. Veel Iraniërs op het platform
zijn bang dat andere landen Iran willen destabiliseren. Zij denken dat de protesten gestart of gesteund worden door Saoedi-Arabië en de Verenigde Staten. Een veel gezegde zin is ‘laat Iran geen Irak, Syrië of Libië worden. Dat is wat ze willen’.

Rustige weg in Noord-Iran. Foto's: Sara-May Leeflang

Toch zijn velen ook van mening dat de protesten niet georganiseerd kunnen worden door buitenlandse machten. Zo wordt er aangegeven dat mensen alleen massaal de straat op gaan als er al onvrede is. Als zij een reden hebben. En er zijn redenen genoeg, volgens Leila. ‘Iran heeft inderdaad problemen, zowel economisch als maatschappelijk en politiek van aard. Maar toch moeten we voorzichtig blijven. Kijk naar wat er de afgelopen twintig jaar in deze regio is gebeurd. En dan heb ik het over inmenging van internationale mogendheden in Afghanistan, Irak en Syrië. Ik steun deze inmengingen niet. Daarbij komt dat
sommige mogendheden de kaart willen herindelen volgens Israëlische eisen. In mijn land leven, Turken, Koerden, Beloetsjen, Arabieren. Zij zijn gesetteld op basis van regio en verenigd als land. Maar nu is er een plan om elke groep een eigen land te geven.’ Volgens Leila is hetzelfde gebeurd in voormalig Joegoslavië. Ook daar zijn volgens haar landen gecreëerd op basis van etniciteit. Leila heeft veel vrienden uit de Balkan die vertellen dat zij nu veel slechter af zijn dan voor het uiteenvallen van Joegoslavië. Dit soort voorbeelden en de revolutie van 1979 en de oorlog die vlak daarna uitbrak hebben Leila het gevoel gegeven dat de juiste verandering niet wordt veroorzaakt door revoluties. ‘De verandering moet van binnenuit komen, de mensen moeten zelf veranderen. In plaats daarvan denken ze dat met de verandering van een systeem wonderen worden verricht. Dat is naïef.’

Dit artikel verscheen 13 januari 2018 in Zaman Vandaag