“Thuis is waar mensen hetzelfde als jij denken” [Verspers]

Boris. Foto: Sara-May Leeflang

Boris groeide op in de Sovjet Unie tijdens de Koude Oorlog en emigreerde op zijn zeventiende naar een tweede land in conflict, Israël. Het conflict lijkt een terugkerend thema in zijn leven.

Sinds twee maanden woont Boris in Nederland. “Laten we kijken wat er hier gaat gebeuren”, zegt hij lachend. Met zijn één meter tachtig is Boris een man van gemiddeld postuur en een mond vol grote witte tanden. Met zijn handen in zijn zakken staat hij voor café de Jaren, op de Nieuwe Doelenstraat. Blij dat hij weer op een nieuwe plek komt, hij wil van alles ontdekken in zijn nieuwe woonplaats.

Boris koestert liefde voor schermen, fotografie en talen. Hij spreekt Russisch, Hebreeuws, Duits en zijn Nederlands gaat met de week vooruit. Van “Biertje?” tot “Hoe gaat het?” en “De rekening alsjeblieft.” Hij is dol op talen en maakt deze zich snel eigen.

Een jaar geleden kreeg hij een baanvoorstel als algoritme ingenieur bij TomTom. Boris ging voor het avontuur en hij is nu sinds zijn aankomst in een hevige zoektocht belandt naar het juiste appartement. “Alles is te duur of te ver weg van Amsterdam. Maar ik ben ook kieskeurig.”

Het terras van de Jaren is leeg, op een groep Chinezen na die om de minuut met elkaar proosten. Boris legt uit dat dit een Chinese gewoonte is, heel veel proosten met elkaar. Hij neemt een slok van zijn bier, een trek van zijn peuk en begint te vertellen.

Sovjet Unie
Boris werd geboren in 1977 in de Sovjet Unie, in het plaatsje Donepropetrovsk in het oosten van het tegenwoordige Oekraïne. Dat deel was toen ook Russisch georiënteerd. “Delen van Oekraïne behoorden ooit tot Polen. In het westen leven dus ook veel Polen en Oekraïners. De geschiedenis is ingewikkeld. Wat nou echt onder Oekraïne valt is moeilijk te zeggen.” Ondanks dat Oekraïne als geboorteland in zijn paspoort staat, voelt hij zich totaal niet Oekraïens.

Hij bestempeld zichzelf van Russisch Joodse afkomst. Tot zijn zeventiende heeft hij samen met zijn moeder en drie broers in de Sovjet Unie een goede jeugd gehad. “Het was misschien wat armzalig, maar we hadden te eten. Het was niet zoals in arme landen in Afrika, we kwamen in onze basisbehoeften niks tekort.” Zijn ouders gingen uit elkaar toen hij drie was. Boris blijft nuchter onder de vraag of dat hem veel heeft gedaan. “Mensen gaan uit elkaar en ik heb altijd veel liefde gekregen van allebei.” Zijn Joodse vader emigreert naar Amerika en krijgt daar een baan op een universiteit als wiskundige. Het contact met zijn vader blijft ook overzee goed tijdens de jaren dat hij opgroeit.

Bijzonder is dat Boris opgroeide in tijden van de Koude Oorlog. Naar eigen zeggen heeft hij de oorlog niet letterlijk ervaren. Wel ontdekte hij later dat hij maar één versie van het verhaal te horen had gekregen. “We spraken veel over de VS. We kregen dagelijks dingen te horen als dat de VS ons aan wilde vallen en vernietigen. Wij waren het slachtoffer, omdat de Sovjet Unie vrede wilde. Natuurlijk werden we gewoon gebrainwashed.”

Mensen konden niet zomaar het land verlaten op zoek naar een andere context. “Mijn moeder wilde bijvoorbeeld een vriend opzoeken in Hongarije, ook gewoon een communistisch land destijds. Maar het was onmogelijk voor haar om het land te verlaten. Het regime was bang dat je zou vluchten, dus kwam het zelden voor dat mensen zich buiten de grenzen bevonden. Het was zoals je in de films ziet.”

Waarom de Sovjet Unie uiteindelijk uit elkaar viel, heeft volgens Boris vooral economische oorzaken. “Dit is mijn persoonlijke mening, maar het heeft vooral met de prijs van olie te maken. Die was zodanig gezakt dat het economisch niet meer ging. Er wordt gezegd dat het door Gorbatsjov kwam, maar ik weet dat niet zo zeker. Dat is het verhaal dat naar buiten is gebracht, maar achter de schermen gebeurt veel. Het is een spel, waar je niet persoonlijk bij bent.”

Boris wilde computerscience studeren in Kiev, maar dronk tijdens zijn tienerjaren zoveel dat hij niet door de toelating heen kwam. “Ik dacht dat ik slim genoeg was, en studeerde niet. Ik kwam dus niet door de toelating heen. Dit maakte het spannend, want ik wilde ook absoluut het Sovjet leger niet in. Het leger was destijds net een gevangenis. Jongens kwamen daar na jaren zeer beschadigd uit.”

Uiteindelijk kwam Boris terecht bij een uitwisselingproject in Israël voor Joodse studenten in het buitenland. Hij pakte zijn kans en emigreerde in 1994 vlak na de val van het communistisch regime, voor de studie ruimte- en luchtvaarttechniek naar Haifa in Israël. Op naar de volgende fase in een bestreden gebied.

Israël
In Israël aangekomen maakt hij al snel vrienden met Russische studenten die met hetzelfde programma naar Israël zijn gekomen. Hij maakt zich de taal gauw eigen. Sommigen van hen vertrekken naar een Kibboets, een socialistische commune op het platteland. De Israëliërs reageren daar verrast als ze merken dat de Russische emigranten niets met het communisme te maken willen hebben. “Wij hadden de slechte producten van deze ideologie gezien, de Israëliërs raakten pas net bekend met het communisme waardoor zij erin geloofden. Het was bizar om zeker in de beginperiode plaatjes van Stalin en Lenin aan de muur te zien hangen.” Boris vestigt zich in de mooie havenstad en badplaats Haifa om daar de komende twintig jaar te blijven.

Dat Israël een conflictgebied is, merkt Boris meteen. “Israël kent niks anders dan oorlog en conflict. Het leven is er erg gepolitiseerd. Dagelijkse discussies gaan altijd over de politiek. Of we gewoon land moeten weggeven of moeten vechten. Maar Joden houden ook van discussiëren. Er is een Joods gezegde ‘twee Joden, drie meningen’ en dit is ook echt zo.” Boris barst in lachen uit.

Tijdens de Libanonoorlog ligt voor het eerst zijn woonplaats Haifa onder vuur. “Je merkt pas dat het oorlog is als je er in bevindt. Als ik bijvoorbeeld een half jaar na de aanval een keer een sirene hoorde dan ging er een rilling door mijn lijf. Mijn kat voelde dezelfde spanning en dook meteen onder de koelkast. Maar als het niet in je woonplaats plaats vindt, dan merk je weinig van de oorlog.”

Volgens Boris was Israël in de jaren negentig nog erg socialistisch, maar vanwege de vele oorlogen is dit veranderd. “Communisme en religie gaan niet samen. De Joden hebben kunnen overleven vanwege het jodendom, niet door het communisme. Je hebt twee soorten mensen in Israël, rechts en links. Links wil een compromis. Rechts wil ook vrede, maar steunt de Israëlische staat volledig. De media is erg links, zoals in veel landen. Ik behoor tot rechts. Ik wil vrede, maar het land is van ons.”

Toch is Boris niet streng gelovig. “Ik geloof wel in iets. Mijn vader is een echte zionist, maar ik niet.” In Israël wordt hij door streng gelovigen ook niet als Joods gezien. “Mijn moeder is niet Joods, dus dan ben ik het ook niet volgens de regels. Maar het ligt eraan wie je ontmoet, de ene is minder streng met regels dan de ander, zoals in elk geloof.” Boris heeft Arabische vrienden, daarmee heeft hij de voorkeur om niet over het conflict te praten. “Dat loopt vaak uit op ruzie.”

Boris trouwt in 1999 met een Joodse vrouw. “Mijn kinderen worden dus ook Joods.” Of Boris zijn toekomstige kinderen in Israël wil opvoeden weet hij niet. “Het belangrijkste voor de kinderen is dat ze bij mij zijn, niet in welk land ze opgroeien.”

Conflicten van nu
Na twee maanden heeft hij beet, een bescheiden appartementje in Amsterdam Zuid. Sindsdien heeft hij ook elke week bezoek. Vrienden uit Rusland, Israël en zelfs zijn vorige baas zoeken hem hier op. Wat hij van de huidige situatie in beide landen moet zeggen vindt hij moeilijk. “Wat er nu in Oekraïne gebeurt, dat is een politiek spel. Het is net The Game of Thrones. De mensen willen gewoon vrede.”

Nu hij drie landen van zijn lijstje kan afstrepen, is maar één plek waar hij zich thuis voelt en dat is Israël. “Daar denken de mensen hetzelfde als ik. Ik heb me nooit in de Russische mentaliteit thuisgevoeld. Mensen nemen het leven voor wat het is. Ze hebben geen doel waar ze naartoe werken. Dat is heel anders dan in landen zoals Nederland of Israël. Daar werken mensen om iets te bereiken.” Dat Boris ijverig is en op zoek naar nieuwe uitdagingen, blijkt als hij vertelt dat hij in zijn buurt een manege heeft gezien. “Ik denk eraan om te beginnen met paardrijden.”

Eerder gepubliceerd op Verspers